| Marlou en Bernard zijn het reizen nog lang niet moe! |
| September 2006 | |
![]() ![]() |
|
Eind augustus waren we weer voor twee weken in Nederland. Hoofdreden hiervan was de bruiloft van mijn kleine broertje met zijn Mongoolse verloofde, die mij volgens goed Mongools gebruik nu een geit schuldig is omdat hij me voor was aan het altaar. De eerste week ging op aan het regelen van dingen voor de bruiloft, het voorbereiden van de infotainment van de avond, en wat last-minute vertaalwerk voor de wel heel internationale bruiloft.
De dag van de bruiloft was een prachtige en zonnige dag, de enige van die week. Alles vond plaats in het pittoreske Broek in Waterland. De burgerplechtigheid was in het Broekerhuis (www.broekerhuis.nl) op de binnenplaats. Begeleid door een strijkje en de bruidsnichtjes gaf het bruidspaar elkaar het jawoord en de ringen.
Daarna ging het door naar de kerk (www.kerkbroekinwaterland.nl) om de hoek. Daar werden de gasten welkom geheten door Pieter van www.rentapriest.nl om de liedjes van de dag alvast een keer door te nemen. Omdat Gera boeddhistisch is en Dirk volgens Pieter “het Katholicisme wel gelooft”, hadden ze ervoor gekozen om een niet kerkelijke dienst samen te stellen. Door het gebruik van symbolen en rituelen van beide culturen waar beiden zich in konden vinden, zoals het drinken van yakmelk (van Appie Heijn), het uitreiken van Mongoolse gebedssjaals, het zingen van katholieke kaskrakers en het aansteken van een kaars door iedereen, werd het een “fusion” dienst zoals Pieter dat zo mooi omschreef: “Je gooit van alles op een bord, en dan smaakt het nog lekker ook”. De taak van Pieter was het om alles mooi aan elkaar te praten.
Bij terugkomst in het Broekerhuis werd het bruidspaar opgewacht door alle gasten die inmiddels een met helium gevulde hartvormige ballon aan hun pols hadden geknoopt. Eerst werd de bruidstaart aangesneden en daarna hoefde het bruidspaar alleen maar alle ballonnen bij iedereen op te halen om er zeker van te zijn dat iedereen aan de beurt kwam om hen te feliciteren. Na een tijdje arriveerden de gidsen, en zij namen iedereen die wilde mee voor een wandeling door Broek in Waterland. Terwijl iedereen aan het wandelen was werd het buffet en de infotainment klaargezet.
Na het eten werd er gekletst, deden de bruidsnichtjes een dansje MET DISCOBOL en kon iedereen meedoen aan de “D & G Show” waarin vragen werden gesteld die naderhand de nodige toelichting behoefden van D & G zelf. Hilariteit alom. Daarna deed een vriendin van Gera een erg mooie Mongoolse dans. Inmiddels had de taxiservice al de nodige gasten ontvoerd, en liep het feest dan ook ten einde. Na wat opruimen en het kapotmaken van de ballonnenboog konden wij eindelijk instorten.
De tweede week was een stuk relaxter. We hebben een hoop vrienden bezocht, het een en ander geregeld, Marlou heeft een paar diensten gedraaid via Randstad, om wat geld in het laatje te krijgen, ik heb de auto een welverdiende grote beurt gegeven, we hebben een reis naar China geboekt (later meer) en stroopwafels, drop, pindakaas en andere lekkernijen die niet in Spanje te koop zijn ingekocht.
Na ruim twee weken Nederland gingen we weer richting Sort. We hadden ons nog zo voorgenomen om niet teveel troep mee te nemen, maar met een grote Combi-oven, de snowboard- en skispullen, en voornoemde boodschappen zat de Mercedes toch weer afgeladen vol. Te vol om in te slapen, dus snel nog maar een tentje geleend. De terugweg gingen we namelijk langs Ewald en Nora, vrienden van mijn zwager, die in de buurt van de Mont Ventoux een Hostel/Camping hebben, en ook ezeltochten aanbieden. Daar wilden we graag langs om eens kennis te maken en om eens in de keuken te kijken. Ze hebben daar een prachtig terrein met een aantal kampeerplekken, en een huisje, een studio en een stacaravan die je kunt huren. De camping is zo ruim opgezet dat zelfs als alles is verhuurd, je nog je buren bijna niet ziet of hoort. De omgeving leent zich bij uitstek voor mooi wandel of fietstochten. Geïnteresseerd?: www.laboucoule.com.
Ewald heeft ons zijn bedrijfje laten zien, heeft een paar goede tips gegeven en heeft een paar pittige vragen gesteld om eens te voelen hoe serieus en doordacht ons plan was. Als het zover was om ezels te gaan kopen, dan wilde hij wel mee, een aanbod waar we hem zeker aan gaan houden. ’s Avonds konden wij met alle campingasten genieten van een door Ewald en Nora en niet te vergeten Maxime en Mireille geprepareerde maaltijd.
Na twee nachten en een dag ging de reis weer door richting Spanje. Op de Port del Canto werden we verrast door een flink onweer en zagen we…. De eerste sneeuw! Op een hoogte van 1700 meter lagen de resten van wat een flinke sneeuwbui moet zijn geweest. Op plekken stroomde het water van de bergen over de weg en nam daarbij hele modderstromen mee, en een paar flinke rotsblokken. Vorzichtig vervolgden wij onze weg. Nog een paar haarspelden en daar zagen we Sort weer liggen.
Back home
Toen we weer thuis waren wachtte de volgende verrassing. In de krant stond een stuk over de Fira en ja hoor met een foto van ons! Hier is ie!
Goed zoeken! voor degenen die ons weten te vinden loven we een geheel verzorgde werkvakantie in Spanje uit.
Ola Bernard, aqui Josep del paroquia de Tàrrega....... Holy shit, dat zijn ze! Ik brak de stroom Spaans die op mij afgevuurd werd af met een vloeiend(not) “ik geef Marlou even”. Kennelijk is mijn Spaans nog niet bestand tegen grote druk. Ze waren de dag erna toevallig in de buurt, en wilden even langskomen. Of dat uitkwam. Nou, ik dacht van wel! Maar waar? Het hele huis was een grote puinhoop. We hadden een lekkage in de keuken, en het plafond van Ramon de benedenbuurman was ingestort. Ramonet had toen maar het water afgesloten, en we zaten dus al twee dagen zonder. Het toilet begon enigszins te ruiken, want waar wij voor de grote boodschappen nog even naar de Coyote gingen, namen anderen die moeite niet. Ook was er dus al 2 dagen niet gepoetst, en was er een beetje boel afwas. We spraken af in het net geopende kindvriendelijk café van een kennis van ons. Gelukkig konden we douchen bij vrienden die verderop in de straat wonen.
Ze waren met zijn tweeën. Josep, van sesenta-y-pico (zestig en een beetje, dus waarschijnlijk achter in de zestig) en Jordi, achter in de vijftig. Josep is een oude pater van de parochie, en woont samen met de andere Josep die we de eerste keer op het terrein hebben ontmoet. Hij doet zowat in zijn eentje alle onderhoud op het terrein. Jordi heeft een eigen bedrijf en komt over als een vriendelijke maar zakelijke man. De twee zijn al veertig jaar vrienden, en dat is duidelijk te zien aan de manier waarop ze met elkaar omgaan. “Als je de hele tijd over God gaat lopen zeiken dan hoeft het van mij allemaal niet hoor” zei de niet overdreven gelovige Jordi tijdens een van de eerste gesprekken met Pater Josep. Het doel van de ontmoeting was om even kennis te maken met het stel dat hun een brief had gestuurd over de Colonia. De week erna zou de hele werkgroep die over de Colonia ging bij elkaar komen en dan zou bekeken worden of en hoe we samen konden weren. Onder het genot van een kopje koffie vertelden wij ons verhaal en onze plannen. Die werden enthousiast ontvangen. Ze hadden eigenlijk maar een harde voorwaarde. Al jaren wordt de Colonia 3 weken per jaar gebruikt door een groep invaliden. Dat moest als vanouds door kunnen gaan. De rest van het jaar konden we dan doen wat we wilden. Na ongeveer een half uur moesten de twee weer weg, richting de Colonia om wat onderhoud te doen. We mochten ook wel even langs wippen om nog een keer de panden rustig van binnen te bekijken. Dat hebben we gedaan, we hebben foto’s genomen en we hebben een oppervlakteschets gemaakt. Na een uurtje zaten onze koppies weer vol en keerden we huiswaarts. En nu maar wachten op het antwoord van de werkgroep!