| Marlou en Bernard hebben het behoorlijk druk! |
| Juni 2008 | |
![]() ![]() |
|
Met name Gatzara, mijn “agency” in Andorra bezorgde mij veel werk. Nu kan ik dat uitgebreid gaan opschrijven maar foto’s zeggen natuurlijk 1000x meer. Wat je niet op de foto’s ziet zijn de mega-dozen ballonnen die hier binnen worden gebracht, nog steeds gekocht bij Dennis en Ingrid in Purmerend, omdat het nou eenmaal de beste zijn……en de uren van voorbereidend werk voor dat zo’n mega-figuur af is, om over de lawaaioverlast voor Bernard nog maar te zwijgen…….
Enfin, het resultaat mag er zijn……..
Juni stond natuurlijk in het teken van het EK voetbal. De eerste groepswedstrijd in de groep des doods hebben we bekeken in een hotelletje in een dorpje vlak bij waar Jaco woont, en waar Marlou Engelse les geeft aan de twee zussen die het hotel uitbaten. We hadden natuurlijk mooie ballonnenhoeden voor iedereen gemaakt. In het begin waren de verwachtingen voor de loodzware opgave niet hoog gespannen, maar al snel kwam de stemming er behoorlijk in. Zoals bekend gingen de Italianen flink over de knie, tot ongenoegen van enkele aanwezigen, want bij Nederland speelden wel erg veel spelers van de vijand (Real Madrid). Ook moesten we vooral niet over het Spaanse team beginnen, want eigenlijk moest Cataluña met een eigen team meedoen zoals ook Schotland en Wales.
Voor de tweede groepswedstrijd liet de Nederlandse gemeenschap het behoorlijk afweten. Jaco had kinderverplichtingen en Lennard, de andere Nederlander die in Sort woont, was weer eens op reis. Aangezien we tegen Frankrijk moesten, was de volgende optie om met onze Franse vriend Cedric op de camping waar hij werkt te kijken. Maar hij belde even van te voren dat hij het niet ging redden. Bovendien was op de camping de projector nog steeds niet aangesloten. Wel liepen we op de camping een eenzame Hollandse fietser tegen het lijf. We togen maar naar de Coyote, want Jose is voor Real Madrid, en kon het Nederlandse spel wel waarderen. De Fransen kregen klop, de Nederlanders hadden zich geplaatst en de meeste Spanjaarden gaven toe dat we wel erg mooi gespeeld hadden. Ook werd er voorzichtig gespeculeerd over een ontmoeting tussen Oranje en de Fuerza Roja, het liefst in de Finale, ook al was dat niet mogelijk gezien het speelschema. Ook Spanje won overtuigend en een aantal verstokte Catalanen gaven toe dat de Spanjaarden wel erg goed speelden. Spanje had maar een groot probleem, en dat was Aragonés, heette het eerst nog, omdat de wat horkerige trainer het in zijn hoofd had gehaald om sterspeler Raúl thuis te laten. Maar de taartpunten van de grafieken in de krant van mensen die in de trainer geloofden, werden na iedere wedstrijd steeds groter.
De derde groepswedstrijd om des keizers baard bekeken we in Rialp met Lennard en een aantal van zijn Nederlandse cursisten. Het hele café werd voorzien van ballonnenhoeden, en op twee schermen werden beide wedstrijden tegelijk uitgezonden. Het was erg gezellig, en ondanks de adviezen om vooral de Roemenen te laten winnen zodat die arrogante en gevaarlijke Fransen en Italianen lekker naar huiskonden, deed Oranje zijn sportieve plicht zoals dat heet. De cursisten van Lennard hebben de dag erna de hoeden opgehad bij het kayaken wat erg mooie plaatjes opleverde.
Daarna was het feest natuurlijk snel afgelopen tegen Rusland. Ons tweede vaderland strooide nog wat zout in de wonde door wél Rusland te verslaan en vervolgens ook de finale te winnen. Aragonés werd tot held uitgeroepen en opeens vroeg heel Spanje zich af waarom er met hem nooit gesproken was over verlenging van zijn contract als bondscoach. Er is na de finale in het Catalaanse bolwerk Sort één toeterende auto gesignaleerd, maar zo´n feest als in Madrid is het niet geworden. Toch was er wel een beetje sprake van een wij-gevoel, en misschien is de kloof tussen Barcelona en Madrid wel een heel klein beetje gedicht.
Mijn carrière als bouwvakker ben ik ooit begonnen in Estac. Daar heeft Jaco een oud huis opgeknapt, er een verdieping ingemaakt, en ik heb meegeholpen met het afmaken van het dak. Jaco riep toen al dat het erg geschikt zou zijn voor ons project, maar dat zag ik niet zo. Omdat er in het dak isolatie ingeblazen moest worden hebben we de nok indertijd niet dichtgemaakt. De isolatie was inmiddels ingeblazen, maar alsof de duivel ermee speelde regende het elke keer als Jaco er heen wilde gaan. Uiteindelijk zijn we er op een droge dag met zijn tweeën heengegaan en hebben we het klusje geklaard. Weer zei Jaco dat het echt wel interessant voor ons zou zijn, en dat de eigenaar het wellicht wegens financiële problemen wilde verkopen. Het huis heeft een aantal nadelen, maar is bij nader inzien inderdaad toch interessant. Het grootste nadeel is de ronduit slechte onverharde weg die je moet nemen om er te komen. Lichtpuntje is dat er sprake van is om de weg op te knappen dan wel te asfalteren. Verder staat het in de middle of nowhere met slechts één huis in de buurt waar maar één week per jaar iemand is. Ook is het huis vrij klein voor onze plannen en moet je bij binnenkomst meteen een halve verdieping naar boven of naar beneden, wat voor de rolstoelers niet echt handig is. Met een plateaulift is dat echter redelijk simpel op te lossen. Voordeel is dat het een veel lagere investering is om het huis met een flink terrein erbij te kopen. Op dat terrein kunnen we een prachtige camping maken waarvan de geschatte inkomsten de hypotheek al zouden dekken. Op één van de verdiepingen kunnen we dan een aantal kamers maken, en zelfs nog een verdieping lager een appartement. Met die opbrengsten kunnen we dan langzaamaan de ruïne die ernaast staat opknappen, en dan komt het dichter in de buurt van wat we nu in ons hoofd hebben. Het grootste voordeel is dus financieel. We kunnen het langzaamaan doen en alleen eigen geld investeren waardoor we veel minder hoeven te lenen. Ik kan zelf veel doen wat het ook goedkoop maakt, en omdat het allemaal langzaamaan gaat kunnen we het zelfs combineren met een baantje. Het kan nooit kwaad om een plan B te hebben, en je moet nooit op één paard wedden en dus gaan we deze optie serieus bekijken.
Op een dag vertelde Josep ons dat hij en Jesus een terrein van 40 hectare hadden gehuurd waar ze de ezels heen gingen brengen. Groot nadeel was dat het een dikke 45 minuten rijden van Sort was, en dat vonden wij een beetje ver. Gelukkig bood hij ons een terrein hier in de buurt aan. Als wij de afrastering zouden nalopen en repareren, dan mochten wij het terrein gebruiken. Een ander probleem was dat Robelló nog te jong was en dus met zijn moeder mee moest, en dan zou Gaudí alleen komen te staan. Met Theryses hadden we het ooit half gehad over het kopen van het ezeltje Titus, maar op het laatste moment wilde hij daar veel te veel geld voor hebben en deed hij zoals altijd behoorlijk vaag. Probleem! We hebben even op de Spaanse Marktplaats gekeken maar daar zagen we niet zo snel iets interessants, en bovendien wilden we het ook niet overhaasten. Toen kreeg ik een idee. In Spanje zijn een aantal ezelopvangen waar oude en mishandelde ezels worden opgevangen. In Asturias was er een die wordt gerund door een Nederlandse, en het was niet zo heel ver weg van Burgos, waar we op vakantie heen zouden gaan om de broer van Marlou met zijn vrouw en natuurlijk hun pasgeboren baby George te ontmoeten. We moesten maar eens langskomen om eens te praten over adoptie, in principe zeiden ze geen nee. In ruil voor wat vrijwilligerswerk konden we daar kamperen en mee-eten. Dat leek ons wel wat, en dus zijn we daar in onze vakantie langs gegaan.
In deel 3 heb je al kunnen lezen dat alle terreinen in Llessui waarvoor de bouwvergunning ingetrokken was samengevoegd werden. Er werd één groot plan gemaakt met ruimte voor woningen, ruimte voor groen en natuurlijk ruimte voor hotels, waaronder het onze. Dit plan zou worden ingediend bij de Catalaanse overheid. Als deze zou toestaan dat er op de terreinen toch een aantal woningen gebouwd mochten worden, dan konden de grondeigenaren daar wat geld mee verdienen. In ruil daarvoor zouden de eigenaren de grond waar het (ons) hotel op zou komen goedkoop aanbieden, waardoor de komst van een hotel zeker werd gesteld. Ook zouden de eigenaren met de opbrengst van de woningen zorg dragen voor de ontwikkeling van het hele gebied, zoals de aanleg van straten, straatverlichting en de aansluiting op de nutsvoorzieningen. Hiervoor zou normaal gesproken de gemeente verantwoordelijk zijn. Iedereen zou winnen. De overheid en de gemeente zouden zich verzekeren van een hotel in de zone, wat arbeidsplaatsen en inkomsten door toerisme met zich meebrengt. Bovendien zouden zij geen kosten hebben aan het aanleggen van openbare voorzieningen. De eigenaren zouden door dit plan meer verdienen dan wanneer zij hun grond alleen zouden kunnen verkopen om er hotels op te bouwen, en wij zouden voor een “gecontroleerde prijs” de grond kunnen kopen. Als we de marktprijs voor een stuk bouwgrond zouden moeten betalen dan zou ons project niet levensvatbaar zijn. Het voorstel van de gemeente was om op vijftig procent van de grond huizen te bouwen en op de andere vijftig procent hotels.
Vlak voordat we op vakantie gingen wipten we snel nog even langs bij de gemeente om eens te vragen hoe het ervoor stond. Erg goed zei de burgemeester, want de Generalitat, de Catalaanse overheid, had het plan goedgekeurd. Minpuntje was dat ze de verdeling hotels/huizen hadden aangepast in 80/20. 80% voor hotels dus, wat gunstig was voor ons omdat er dan meer plek overblijft om uit te kiezen. Maar groot minpunt is natuurlijk dat er veel minder woningen gebouwd konden worden, en dat dus de totale opbrengst veel lager zou zijn waardoor de eigenaren wellicht van ons meer geld zouden willen hebben voor de grond. Maar goed, het plan was goedgekeurd, er was al een inspraakprocedure geweest en niemand had bezwaar aangetekend. De Burgemeester had goede hoop dat hij de verdeling op kon schroeven naar 70/30. Alles was weer een belangrijke stap dichterbij gekomen. Na de vakantie zou de vader van Marlou naar Sort komen, en de gemeente zou kijken of ze vóór die tijd de precieze locatie van ons hotel in het gehele plan vast konden stellen. Als we de precieze locatie zouden weten, dan konden we gaan tekenen, met de tekening een nauwkeurige bouwbegroting maken, en vervolgens met de bank gaan praten. Dan zou alles pas flink gaan opschieten. Maar eerst maar eens op een welverdiende vakantie.
Men vraagt ons soms wel of we ooit nog terug komen naar Nederland. Nu sluit ik dat nooit 100% uit, maar in principe is het de bedoeling dat we hier oud worden. We hebben allebei leuk werk, zijn druk bezig met ons project en hebben een heleboel leuke vrienden hier. We missen natuurlijk wel dingen van Nederland, en dan bedoel ik niet alleen drop, stroopwafels en satésaus, maar vooral onze familie en vrienden. Toch voelen we ons hier in de bergen thuis. En dan begint het op onze leeftijd toch een beetje te kriebelen en komt de nesteldrang om de hoek kijken. Marlou was er wat eerder mee bezig dan ik, ik had nog een beetje in mijn hoofd dat we eerst het hotel zouden bouwen, maar op een gegeven moment besloten we dat we daar niet op zouden gaan wachten. En zo kon het gebeuren dat we op een ochtend vlak voordat ik naar mijn werk moest, we samen een beetje giechelend naar twee blauwe streepjes zaten te kijken. Het was al een paar keer loos alarm geweest, maar nu hadden we hem toch gevonden. In Spanje zeg je namelijk; Estamos buscando un bebé, letterlijk; we zijn een baby aan het zoeken. Diezelfde middag hadden we een barbecue met een stel vrienden. Prompt vroegen ze natuurlijk aan Marlou of er iets veranderd was in haar leven omdat ze zo straalde, en waarom ik zo stil was. Ik was moe van het werken, en Marlou had nieuwe kleren aan, we hadden besloten om nog even te wachten met het vertellen van het goede nieuws. Eerst moesten we er zelf nog een beetje aan wennen. Op de foto kun je zelf zien of het toen al zichtbaar was.
We konden vlak voor onze vakantie nog terecht bij de verloskundige die bevestigde wat we al vermoedden, “estas embaradissima!”, je bent super zwanger! Nog een beetje nerveus liepen we de trap af. Boven in het kliniekje zit alleen de verloskundige, dus als iemand je daarvandaan ziet komen dan kan diegene op zijn vingers natellen hoe laat het is. En wij moesten zoals gezegd eerst zelf nog even wennen aan het idee en waren nog niet klaar om het nieuws al te delen. Maar ja hoor, je woont in een dorp en dus zat onze vriendin Miriam achter de balie. We hadden een boekje meegekregen met een hele waslijst aan controles, echo´s en andere afspraken in Sort, het ziekenhuis in Tremp (45 minuten rijden) en zelfs in het ziekenhuis in Lleida (2 uur rijden), en bij haar moesten we alle afspraken maken. Na ons omhelst en gefeliciteerd te hebben, bezwoer zij ons met een grijns dat het allemaal onder het beroepsgeheim viel. Eerst gingen we maar eens rustig met zij tweetjes eeeeh drietjes op vakantie om te wennen aan het idee dat we nu een gezinnetje worden.